Oedeemtherapie

Oedeemtherapie is een behandeling die erop gericht is het lymfestelsel te stimuleren. Waar lymfoedeem vooralsnog niet te genezen lijkt te zijn is de therapie vooral gericht op het beperken en voorkomen van de toename van het oedeem Lymfedrainage is een normale, natuurlijk functie in ons lichaam. Deze functie kan echter bemoeilijkt worden als gevolg van  een ongeval, ziekte of stress. In dit geval kan drainage van de lymfe manueel(met de handen) geoptimaliseerd worden.

Welke vormen van oedeem zijn er?

  • Lymfoedeem is een vochtophoping die wordt veroorzaakt door een storing in het lymfesysteem. Deze storing kan aangeboren zijn, men spreekt dan van een primair lymfoedeem. Een secundair lymfoedeem treedt meestal op na een ernstige beschadiging van de lymfevaten of lymfeklieren als gevolg van een operatie of bestraling. Lymfoedeem begint met een gevoel van spanning in de huid door de zwelling van bijvoorbeeld borst, arm of been.
  • Veneus oedeem is een combinatie van vochtophoping (oedeem) en een slecht werkend veneus bloedvatsysteem dat ontstaat in de benen. 90% van het bloed wordt via de aders naar het hart teruggepompt en 10% wordt via het lymfesysteem teruggevoerd. Doordat bij veneuze klachten de aders in de benen niet meer goed functioneren, kunnen ze het bloed niet meer goed terugpompen naar het hart. Het lymfesysteem moet hierdoor extra hard werken, maar kan het aanbod niet aan, waardoor er oedeem ontstaat in de onderbenen
  • Lipoedeem. Lipoedeem betekend letterlijk vet- en vochtophoping. Dit is een pijnlijke en chronische ziekte. Bij lipoedeem is er een stoornis in de aanmaak van vetweefsel. Bovendien is de afvoer van lymfevocht via de lymfevaten niet optimaal. Gevolg is een onderhuidse ophoping van vocht en vet. Meestal komt de ophoping symmetrisch voor op heupen, bovenbenen en knieën. Overgewicht versnelt dit proces en vergroot de gezondheidsrisico’s.
  • Arterieel oedeem. Door een niet goed functionerend hart kan ook oedeem ontstaan. Als de oedeemtherapeut vermoedt dat u een arterieel oedeem heeft, verwijst zij u naar de huisarts voor verder onderzoek.

Behandeling

Lymfoedeem kan afhankelijk van de ernst worden behandeld met:

  • Voorlichting (leefregels en huidverzorging); u wordt voorgelicht over huidverzorging,
  • Voeding, preventie en zelfmanagement; tevens wordt u begeleidt in de opbouw van dagelijkse activiteiten
  • Ademhalingstherapie; specifieke oefeningen met betrekking tot uw ademhaling verbeteren de afvoer van lymfevocht.
  • Oefentherapie; de therapie is gericht op het verbeteren van conditie, kracht en beweeglijkheid in het algemeen maar ook specifiek van het aangedane lichaamsdeel.
  • Manuele lymfedrainage; deze massagetechniek verschilt sterk van klassieke massage. De handgrepen worden bijzonder mild en in een langzaam ritme uitgevoerd. De massage is oppervlakkig en bedoeld om de huid en onderhuid pompend te vervormen in het natuurlijke verloop van de lymfevaten of - na ingrepen - in het verloop van nieuwe alternatieve afvoerwegen. Om de vorming van alternatieve afvoerwegen te stimuleren moet de behandeling ook op gezonde gebieden van het lichaam (zoals de hals, de liezen, de gezonde borstzijde, de rug en de buik) worden uitgevoerd.
  • Compressietherapie; bewegen onder continue druk van zwachtels of een therapeutische elastische kous.
  • Lymfetaping; hierbij wordt gebruik gemaakt van een specifieke tape die een liftende werking heeft. Hierdoor kan de onderhuidse circulatie verbeteren en de afvoer van lymfevocht bevorderd worden.

Manuele lymfedrainage is zinvol gebleken bij de behandeling van:

  • primair lymfoedeem (aangeboren misvorming van het lymfevaatstelsel);
  • chronisch veneus oedeem dat vaak gepaard gaat met ulcus cruris (open been);
  • spataderen;
  • posttraumatisch en postoperatief oedeem (zwellingen en bloeduitstortingen ontstaan na sport- en andere ongevallen, na operaties, reflexdystrofie en zwellingen bij steriele ontstekingen zoals reuma);
  • andere oedemen zoals zwangerschapsoedeem, vooral bij veel staan om compressietherapie te ondersteunen;
  • huidaandoeningen zoals littekens of andere huidintrekkingen;
  • migraine en andere hoofdpijnklachten;
  • chronische veneuze insufficiëntie (CVI);
  • slaapproblemen.